21 | voorzieningen

REORGANISATIE
VOORZIENING

PERSONEELS-
GERELATEERDE
VOORZIENINGEN

OVERIGE
VOORZIENINGEN

TOTAAL

Stand per 1 januari 2014

30.173

12.624

25.462

68.259

Dotaties

4.255

3.596

5.921

13.772

Onttrekkingen

-12.714

-832

-2.683

-16.229

Vrijvallen

-2.759

-1.912

-2.286

-6.957

Omrekenverschillen

7

-

-

7

Stand per 31 december 2014

18.962

13.476

26.414

58.852

Langlopend

10.431

5.785

15.217

31.433

Kortlopend

8.531

7.691

11.197

27.419

Stand per 31 december 2014

18.962

13.476

26.414

58.852

Stand per 1 januari 2015

18.962

13.476

26.414

58.852

Dotaties

7.581

7.479

4.207

19.267

Onttrekkingen

-11.602

-6.540

-10.842

-28.984

Vrijvallen

-2.115

-1.898

-2.144

-6.157

Omrekenverschillen

84

-

-

84

Stand per 31 december 2015

12.910

12.517

17.635

43.062

Langlopend

6.358

4.384

1.309

12.051

Kortlopend

6.552

8.133

16.326

31.011

STAND PER 31 DECEMBER 2015

12.910

12.517

17.635

43.062

Ultimo 2015 heeft € 10.531 (2014: € 17.018) van de reorganisatievoorziening betrekking op huurverplichtingen van gebouwen die niet meer in gebruik zijn, € 2.379 (2014: € 1.944) heeft betrekking op afvloeiingsregelingen voor personeel.

Gedurende 2015 zijn delen van de reorganisatievoorziening vrijgevallen als gevolg van een actualisering van de ingeschatte variabele kosten. In 2014 zijn delen van de reorganisatievoorziening vrijgevallen door minder benodigde voorziening voor de afvloeiing van personeel en een betere verhuurbaarheid van leegstaande panden dan eerder ingeschat. De hoogte van de reorganisatievoorziening voor leegstaande panden is in sterke mate afhankelijk van de mogelijkheid tot het opnieuw verhuren van deze panden en wordt aangepast indien de schatting hiervan wijzigt.

De personeelsgerelateerde voorzieningen hebben betrekking op loondoorbetaling van zieken, jubileumuitkeringen en in liquide middelen afgewikkelde aandelenregelingen. Bij het bepalen van deze voorzieningen is rekening gehouden met verwachtingen omtrent herstel van zieke werknemers, verloop van het personeelsbestand en verwachte salarisstijgingen. De onttrekking in 2015 heeft voor € 4.426 betrekking op de overeenstemming die is bereikt in het kader van te betalen pensioenpremies.

De overige voorzieningen bevatten een bedrag van € 13.945 met betrekking tot de afwikkeling van de CGZP/AMP zaak in Duitsland. Het arbeidsgerechtshof te Berlijn heeft op 30 mei 2011, in vervolg op de gerechtelijke uitspraak in december 2010, uitgesproken dat de door CGZP/AMP afgesloten cao’s in voorgaande jaren ongeldig waren, waardoor mogelijk vorderingen op de groep kunnen worden ingesteld over deze voorgaande jaren. Deze vorderingen hebben betrekking op een naheffing voor sociale lasten en nabetalingen aan uitzendkrachten. De autoriteiten hebben de zaak in 2012 en 2013 nader onderzocht en in 2013 zijn de onderzoeksuitkomsten opgeleverd. Eind 2013 heeft de groep een bezwaar ingediend tegen de hoogte van de claim. In afwachting van de uitspraak op het ingediende bezwaar loopt een uitstel van betaling. De verwachting is dat in het derde kwartaal van 2016 de aanslag betaald dient te worden. De onttrekking van de overige voorzieningen in 2015 heeft voor € 6.605 betrekking op de afwikkeling van afgegeven garanties bij de verkoop van dochterondernemingen in 2013.

De andere overige voorzieningen hebben onder meer betrekking op de afwikkeling van enkele gerechtelijke procedures.

Indien het effect daarvan materieel is, worden de verwachte toekomstige kasstromen contant gemaakt tegen een disconteringsvoet van 0,32% (2014: 0,27%). Een verandering van de disconteringsvoet met 100 basispunten heeft een afwijking van de huidige waarde van de voorziening met € 263 tot gevolg.